De WHO besloot ongeveer 2 jaar geleden, als deel van de Globale Strategie op Voeding, Fysische activiteit en Gezondheid, tot het ondernemen van een wetenschappelijke update over transvetzuren.
De WHO stelde de wetenschappelijke update over de gevolgen van transvetzuren op de gezondheid in juni 2006 in werking. Deze update concentreert zich vooral op de industriële bronnen van transvetzuren. Een groep van 21 deskundigen kwam in oktober 2007 samen en reviewde de gevolgen van transvetzuren op de gezondheid op basis van zowel observationeel als experimenteel onderzoek. Zij onderzochten ook de haalbaarheid van de advisering van vervanging van industrieel geproduceerde transvetzuren door bepaalde alternatieve vetten. De deskundigen beoordeelden diverse benaderingen van het verwijderen van industriële transvetzuren uit de voedselketen in zowel geïndustrialiseerde als ontwikkelingslanden. Tot slot onderzochten zij ook de mogelijkheid om de gevolgen te kwantificeren en te modelleren om alternatieven van industrieel transvetzuren te beoordelen. Definitieve documenten over de gevolgen van transvetzuren op de gezondheid werden in 2009 gepubliceerd.
WHO Scientific Update on health consequences of trans fatty acids: introduction. Nishida C, Uauy R. Eur J Clin Nutr. 2009 May; 63 Suppl 2:S1-4.
De gebruikelijke opname van transvetzuren afkomstig van dierlijke bronnen leidt niet tot hartkwalen
Een aantal gecontroleerde en observationele studies tonen aan dat de consumptie van industrieel geproduceerde transvetzuren verscheidende risicofactoren voor cardiovasculaire ziekten negatief beïnvloeden en het risico op dergelijke ziekten vergroten, terwijl de gebruikelijke opname van dierlijke transvetzuren niet met het risico op coronaire hart- en vaatziekten is geassocieerd.
Er zijn verschillende studies die aantonen dat industrieel geproduceerde transvetzuren negatieve gevolgen hebben op de bloedlipiden (d.w.z. toename van LDL-cholesterol, daling van HDL-cholesterol) en/of pro-inflammatoire effecten. Er zijn slechts beperkte gegevens over de gevolgen van specifieke transvetzuren isomeren beschikbaar. Het vacceenzuur is de meest gemeenschappelijke transvetzuren isomeer in vet afkomstig van herkauwers (tot 50%). Mensen kunnen vacceenzuur metaboliseren tot cis 9, 11t geconjugeerd linolzuur (CLA), waarvan potentiële positieve effecten zijn vastgesteld. Experimentele studies over dierlijke transvetzuren zijn beperkt, omdat het moeilijk is om de gevolgen van veranderingen in transvetzuren van andere veranderingen in andere vetten van de herkauwers producten te onderscheiden. Slechts enkele kleine onderzoeken werden gedaan en deze toonden geen duidelijke effecten van dierlijke transvetzuren in vergelijking met andere vetzuren aan. Het bewijsmateriaal van observationele studies, met geschatte transvetzuren consumptie uit industriële en dierlijke bronnen, en van studies met specifieke transvetzuren geeft geen aanleiding tot negatieve effecten van dierlijke transvetzuren (in tegenstelling tot industrieel geproduceerde transvetzuren) op het risico op hart- en vaatziekten. Het is onduidelijk of de consumptie van zeer hoge hoeveelheden aan dierlijke transvetzuren (niet haalbaar met voeding) tot negatieve effecten zou leiden, maar over het algemeen consumeren de meeste mensen dierlijke transvetzuren slechts in kleine hoeveelheden.
Terwijl dierlijke transvetzuren niet volledig uit het voedingspatroon verwijderd kunnen worden, kunnen industrieel geproduceerde transvetzuren (door gedeeltelijke hydrogenering ontstaan) (die door de WHO beschouwd worden als industriële additieven aan voedsel zonder positieve gezondheidseffecten) door voedselproducenten kunnen worden vermeden. Globaal gezien, toont het bewijsmateriaal van observationele studies aan dat transvetzuren uit industriële bronnen leiden tot een hoger risico op hart- en vaatziekten. Omdat het dierlijk vet lage niveaus van transvetzuren bevat (<6% van vetzuren) is de geconsumeerde hoeveelheden dierlijke transvetzuren laag in de meeste bestudeerde landen (over het algemeen <1 energie%). Zelfs wanneer de totale hoeveelheid dierlijk vet vrij hoog is, is de potentiële hoeveelheid transvetzuren uit deze bron nog vrij bescheiden. In de habitueel gebruikte hoeveelheden hebben dierlijke transvetzuren geen effect op het risico op hart- en vaatziekten.
Health effects of trans-fatty acids: experimental and observational evidence. Mozaffarian D, Aro A, Willet WC. Eur J Clin Nutr. 2009 May; 63 Suppl 2:S5-21.
Effect van het vervangen van gedeeltelijk gehydrogeneerde plantaardige vetten door andere vetten en oliën op het risico op hart- en vaatziekten
Industrieel geproduceerde transvetzuren verhogen het risico op hart- en vaatziekten. Het verminderen van het gebruik van industrieel geproduceerde transvetzuren is daarom wenselijk. Deze studie onderzocht de gevolgen van het vervangen van gedeeltelijk gehydrogeneerde plantaardige oliën door andere vetten en oliën op het risico op hart- en vaatziekten.
De onderzoekers onderzochten de gevolgen van het vervangen van 7.5% van de voedselenergie uit gedeeltelijk gehydrogeneerde plantaardige oliën door boter, reuzel, palmolie en andere plantaardige oliën door cholesterol en andere oorzaken te bekijken die belangrijk voor hart- en vaatziekten zijn in een verscheidenheid aan studies. Zij kwamen tot de conclusie dat het effect van het verwijderen van gedeeltelijk gehydrogeneerde plantaardige oliën uit het voedingspatroon van een persoon al naar gelang de transvetzuren inhoud van gedeeltelijk gehydrogeneerde plantaardige oliën en de vetzuren van het vervangingsvet varieert. Hun bevindingen luiden dat de ‘vervanging van gedeeltelijk gehydrogeneerde plantaardige oliën door alternatieve vetten en oliën daadwerkelijk het risico op hart- en vaatziekten verminderd.
Quantitative effects on cardiovascular risk factors and coronary heart disease risk of replacing partially hydrogenated vegetable oils with other fats and oils. Mozaffarian D, Clarke R. Eur J Clin Nutr. 2009 May; 63 Suppl 2:S22-33.
Vervangende vetten voor industrieel geproduceerde transvetzuren
Het gebruik van industrieel geproduceerde transvetzuren van gedeeltelijk gehydrogeneerde plantaardige oliën is gebruikelijk in de globale voedsellevering. Er worden inspanningen geleverd om de opname van gedeeltelijk gehydrogeneerde plantaardige oliën te verminderen. Dit artikel bespreekt de haalbaarheid om gedeeltelijk gehydrogeneerde plantaardige oliën door andere vetten te vervangen.
De meeste landen hebben waarschijnlijk een gemiddeld gebruik van industrieel geproduceerde transvetzuren van gedeeltelijk gehydrogeneerde plantaardige oliën die de WHO-aanbeveling van minder dan 1% van totale energieopname overschrijden. Inspanningen worden geleverd om de transvetzuren opname van deze gedeeltelijk gehydrogeneerde plantaardige oliën te verminderen. De evidence laat zien dat er geen enkele groep van voedsel is die, indien deze transvetzuren-vrij zou zijn, de meeste transvetzuren van de internationale voedsellevering zou elimineren. Het overzicht adviseert dat wanneer industrieel geproduceerde transvetzuren worden verwijderd uit de voedsellevering zij door cis meervoudig onverzadigde vetten zouden moeten worden vervangen. Nochtans blijkt dat de beperkte levering van alternatieve vetten, die van een technologisch en organoleptisch standpunt uitvoerbaar zijn, een belemmering voor hun gebruik zal zijn. Het overzicht benadrukt het belang van toezicht op naleving voor de beoordeling van veranderingen in transvetzuren opnamen maar ook voor de beoordeling van de vetzuren die hen vervangen.
Feasibility of recommending certain replacement or alternative fats. Skeaff CM. Eur J Clin Nutr. 2009 May; 63 Suppl 2:S34-49.
Benaderingen voor het verwijderen van transvetzuren uit voedingsmiddelen over de hele wereld
Activiteiten ter vermindering van de inname van transvetzuren worden geïnitieerd door gouvernementele en de volksgezondheidsorganisaties en zijn gebaseerd op wetenschappelijk bewijs over de negatieve effecten op de gezondheid van industrieel geproduceerde transvetzuren. De focus van de activiteiten is dan ook op plantaardige oliën en vetten en de vermindering van de industrieel geproduceerde transvetzuren gehalten. Wetgeving en aanbevelingen vanuit Denemarken, Canada en New York sluiten dierlijke transvetzuren die van nature in vlees of zuivelproducten voorkomen uit van deze benadering.
Voedingsaanbevelingen met betrekking tot transvetzuren en programma’s om de bewustwording over de schadelijke effecten van industrieel geproduceerde transvetzuren te verhogen worden begeleid door vrijwillige of verplichte etikettering van transvetzuren gehalte van levensmiddelen, vrijwillige of wettelijke programma’s om de industrie aan te moedigen of te dwingen de voedingsmiddelen te herformuleren en de industrieel geproduceerde transvetzuren te verwijderen, de bevordering van gezondheid en het landbouwbeleid die bevordering van de productie van gezonde alternatieven voor industrieel geproduceerde transvetzuren aanmoedigen en tenslotte, verplichte regulering van levensmiddelennormen om het industrieel geproduceerde transvetzuren gehalte te verwijderen of te verminderen.
De auteurs kwamen tot de conclusie dat de combinatie van de regering en druk vanuit de omgeving, vergezeld door de media belangstelling en bewustwording van de consument noodzakelijk zijn om een verlaging/afschaffing van industrieel geproduceerde transvetzuren in de hele voedselketen te bereiken.
Approaches to removing trans fats from the food supply in industrialized and developing countries. L’Abbé MR, Stender S, Skeaff M, Ghafoorunissa and Tavella M. Eur J Clin Nutr. 2009 May; 63, S50-67.
WHO Wetenschappelijke update op het gebied van transvetzuren: samenvatting en conclusies
De huidig groeiende bewijzen uit gecontroleerde studies en observationele studies tonen aan dat het gebruik van transvetzuren uit gedeeltelijk gehydrogeneerde oliën meerdere cardiovasculaire risicofactoren nadelig beïnvloedt en aanzienlijk bijdraagt aan een verhoogd risico op indicatoren van cardiovasculaire hart- en vaatziekten. Hoewel dierlijke transvetzuren niet volledig uit de voeding kunnen worden verwijderd, is de inname bij de meeste populaties laag en is er tot op heden geen overtuigend bewijs ter ondersteuning van een associatie met risico’s op cardiovasculaire hart- en vaatziekten bij de hoeveelheden die meestal geconsumeerd worden.
In tegenstelling tot transvetzuren die geproduceerd worden door gedeeltelijke hydrogenering van vetten en oliën, die als industriële levensmiddelenadditieven zouden moeten worden beschouwd, deze hebben geen aantoonbare voordelen op de gezondheid en duidelijke risico’s op de menselijke gezondheid.
WHO Scientific Update on trans fatty acids: summary and conclusions. Uauy R, Aro A, Clarke R, Ghafoorunissa, L’Abbé MR, Mozaffarian D, Skeaff M, Stender S and Tavella M. Eur J Clin Nutr. 2009 May; 63, S68-S75.
